Tips & Tricks

Technische checklist

Om een veilige vaart te garanderen is het raadzaam om voor en na iedere vaart een technische controle uit te voeren. U kunt hiervoor de stuurmanskunsten checklist gebruiken.

Rechtuitvaren

Een schip reageert meestal niet direct op het roer. Hierdoor bestaat het gevaar dat je te lang en teveel roeruitslag geeft, waardoor de boot teveel van koers verandert. Geef de boot wat tijd en je zult zien dat het beter gaat. Wind, stroming, deining en de aanwezigheid van andere schepen zijn factoren die ervoor zorgen dat je van koers word gebracht.

Manoeuvreren

De bediening van de schroef en de motor gebeurt met een regulateur. Als je deze naar voren beweegt voel je een klik. Nu gaat de boot vooruit, maar dit duurt meestal even. Vanaf deze klik kan de regulateur traploos verder naar voren, dit geeft meer motorvermogen. Hoe verder naar voren hoe harder je vaart. Een veel gemaakte fout bij manoeuvreren is dat er teveel gas word gegeven, waardoor de boot erg hard vooruit schiet. Een andere veel gemaakte fout is dat men eerst gas geeft en daarna gaat sturen. Altijd eerst sturen en dan pas gas geven dus!

Keren (in nauw vaarwater)

Met harde zijwind: Draai de punt van het schip altijd naar de wind. Draai met een linksdraaiende schroef rechtsom en met een rechtsdraaiende schroef linksom, dit in verband met het wieleffect van de schroef. Probeer met de schroef altijd zo ver mogelijk bij de wal vandaan te blijven, je weet immers nooit wat daar ligt en hoe diep het daar is.

Draai met een linksdraaiende schroef rechtsom en met een rechtsdraaiende linksom. Dit in verband met het wieleffect van de schroef.
Probeer met de schroef altijd zo ver mogelijk bij de wal vandaan te blijven, je weet immers nooit wat daar ligt en hoe diep het is.

Aanmeren

Iedere meerplaats is anders, hierdoor is voor iedere meerpoging een andere aanpak nodig. Bedenk altijd ruim van tevoren een plan en houdt rekening met de wind en de plaats van de bolders op de wal. Bedenk ook een plan B. Pak ruim op tijd de meerlijnen en hang de stootkussens op. Doe alles rustig aan met pompende voor en achteruitbeweging van de regulateur

Ontmeren

Als de boot niet te groot is duw deze dan gewoon van de kant af. Bij een wat grotere boot is de meest gangbare manier om deze d.m.v. een touw van de wal af te sturen. Maak vanaf de voorkant van de boot een touw naar achteren op de wal. Als je nu de schroef in z'n vooruit zet en met het roer naar de wal stuurt zal de achterkant van het schip van de wal afgaan. Als het schip zo'n 45° t.o.v. de wal ligt, de schroef neutraal, touw los en achteruit wegvaren tot je genoeg van de wal af bent.

Vaartuigen en Klein Vaarbewijs

De vaarbewijsplicht geldt als u vaart met:
  • Een schip met een lengte van 15 meter of langer dat niet bedrijfsmatig wordt gebruikt.
  • Een schip met een lengte tussen de 15 en 20 meter dat bedrijfsmatig wordt gebruikt of voor bedrijfsmatig gebruik is bestemd.
  • Een sleepboot of duwboot (dat niet wordt gebruikt om een schip met een lengte van 20 meter of langer te slepen, langszij mee te voeren of te duwen).
  • Een waterscooter, jetski, rubberboot of motorboot met een lengte van minder dan 15 meter die harder kan dan 20 kilometer per uur (km/uur). Bij een controle wordt niet naar het aantal pk gekeken, maar of de combinatie boot-motor een snelheid van meer dan 20 km/uur kan bereiken. Dit wordt met een GPS gemeten. Een opblaasbare boot met meer dan 5 pk kan al gauw harder dan 20 km/uur.

Soorten Klein Vaarbewijs

Het Klein Vaarbewijs is er in twee niveaus, namelijk:
    Klein Vaarbewijs I (VBI)
  • Voor het varen op rivieren, kanalen en meren, met uitzondering van de Westerschelde, de Oosterschelde, het IJsselmeer (inclusief Markermeer en IJmeer), de Waddenzee, de Eems en de Dollard. Er mag wel gevaren worden op de Gouwzee en de Randmeren (Gooimeer t/m Ketelmeer/Zwarte Meer).
    Klein Vaarbewijs II (VB2)
  • Voor het varen op alle binnenwateren, dus inclusief de Westerschelde, de Oosterschelde, het IJsselmeer (inclusief Markermeer en IJmeer), de Waddenzee, de Eems en de Dollard.
  • Voor het bevaren van de Noordzee is er geen vaarbewijsplicht, maar wel voor het bevaren van de zeehavens.

Leeftijd Klein Vaarbewijs

Het Klein Vaarbewijs wordt pas afgeven als u 18 jaar of ouder bent. U kunt wel al examen doen als u nog geen 18 jaar bent.

Examen Klein Vaarbewijs

Om een Klein Vaarbewijs te verkrijgen moet u slagen voor het examen en voldoen aan de medische eisen voor de binnenvaart. Het examen wordt afgenomen door de Stichting Vaarbewijs- en Marifoonexamens (Vamex). U krijgt de uitslag direct na het examen mee. Bent u geslaagd, dan krijgt u meteen het aanvraagformulier voor het Klein Vaarbewijs mee. Pas als u in bezit bent van het Klein Vaarbewijs mag u varen met een vaarbewijsplichtig schip.

Een proefexamen kunt u vinden op vamex.nl

Check Gratis techische checklist
Check Vaartips
Check Vaarbewijs